Textes fondamentaux
Dernier ajout : 31 juillet 2012.
Metta Sutta — over onbegrensde vriendelijkheid
Mogen zij capabel en oprecht zijn, eerlijk, bescheiden in spreken en niet trots.
Mogen ze met weinig tevreden zijn, zonder zorgen en opwinding.
Mogen zij wijs zijn, niet arrogant en niet verlangen naar andermans bezit.
Mogen ze niets kleinzieligs doen en niets dat laakbaar is in de ogen der wijzen.
Dhammapada VIII : Sahassavagga - Duizenden
Al hoort men duizenden toespraken Met zinnen van weinig betekenis; Beter een enkel betekenisvol woord, Na het horen waarvan men tot rust komt.
Dhammapada XIV. : Buddavagga - De Boeddha
Niet beschuldigend, niet kwetsend, Beheerst volgens de Patimokkha, Gematigd betreffende voedsel, In een afgezonderde verblijfplaats, Toegewijd aan de verheven geest: Dat is de Leer van de Boeddhas.
Dhammapada X : Daṇḍavagga - Het Wapen
Wanneer de dwaas slechte daden begaat Is hij zich daar niet bewust van. Door zijn eigen daden gekweld is de dwaas, Alsof hij met vlammen in brand staat.
Tao Te Tjing van Lao-Tse (I-X)
De verheven mens is gelijk water. Water is goed: het begunstigt de tienduizend dingen en wedijvert niet met ze; het verblijft op lage plekken die de mensen verfoeien. Daarom lijkt het zoveel op Tao.
Dhammapada XIII : Lokavagga - De Wereld
Zie de wereld als een luchtbel; Zie haar als een luchtspiegeling. De Koning der Dood ziet je niet Wanneer je de wereld zo beziet.
Dhammapada XXIII : Nagavagga - Olifanten
Voorheen reisde deze geest rond zoals zij zelf wilde: Naar wat zij verlangde, naar gelang haar plezier. Maar vandaag hou ik haar wijselijk in bedwang, Als een olifantentemmer met een stok, een bronstige olifant.
Dhammapada V : Bālavagga - De Dwaas
DHAMMAPADA V : Bālavagga - De Dwaas 60 De nacht duurt lang voor wie wakker is. Een (...)
Tao Te Tjing van Lao-Tse (XI-XX)
Voorwaar, bereik de uiterste leegte en behoud standvaste stilte. De tienduizend dingen komen tot leven en dan zie je ze weer terugkeren; alle dingen komen tot bloei en dan keert elk naar zijn wortels. Deze terugkeer betekent rust, terugkeer naar zijn lot.
Dhammapada XVI. : Piyavagga - Het Geliefde
Wie zich bezighoudt met foute zaken En zich niet inzet waar dat nodig is: Zijn eigen voordeel verwaarloost hij Omdat hij streeft naar wat hij liefheeft. En hij is afgunstig op wie zich wel inzet.